Hongerwinter

Lopend naar Andijk
“De Hongerwinter, ja, dat was wat”,zei mijn vader. “Eind januari was het, toen ik met je oom Gijs op pad ging. We vertrokken ’s morgens vroeg met de handkar. Zo’n kar op twee wielen, die je lopend moet voortduwen. We kregen twee sneeën brood mee voor onderweg. We gingen naar familie in Andijk om wat eten te halen.
Op deze wijze trokken veel bewoners van de steden naar het platteland om eten te vragen bij de boeren. In de winkels waren de voorraden op en het was onduidelijk of er nieuwe zouden komen.
In de Hongerwinter, in 1944, toen ons land bezet was door de Duitsers, was er in het westen van Nederland weinig eten, vooral in de grote steden. De door de bezetter gecensureerde kranten gaven de schuld aan de spoorwegstaking. De waarheid is dat de bezetters alle voedsel voorraden naar Duitsland brachten. Daardoor was er heel weinig te eten en beleefden de Nederlanders in het westen van ons land een lange Hongerwinter.
“Bij de bevrijding kregen we wittebrood”, zei mijn vader, “en wittebrood betekent voor mij nog steeds bevrijding.”

door Harmen Meijer
24 oktober 2016 - Opdracht cursus Geschiedenis Schrijven.


- Welkom
- Feuilleton 1643
- Gedichten
- Korte verhalen
- De schat van de Kooger Kaper
- Op zoek naar de Kooger Kaper
- Fotowerk
- Contact
www.benikinbeeld.com © 2003 - heden